Lieveheersbeestje de naam de paring en de familie van het lieveheersbeest of kapoentje

Het lieveheersbeestje is een insect wat behoort tot de orde van de kevers. Lieveheersbeestjes zijn er wereldwijd wel in zo’n 3000 verschillende soorten waarvan er in Nederland ongeveer 60 voorkomen. Lieveheersbeestje zevenstippelig lieveheersbeestje in dit artikel meer wetenswaardigheden en bijzonderheden over deze vertederende beestjes. 

lieveheersbeestje

Lieveheersbeestje: de naam de paring en de familie van het lieveheersbeest of kapoentje

Het lieveheersbeestje heeft heel wat verschillende namen, zo wat in elke regio van het land krijgt hij een andere naam, of een aanvullende naam.

Lieveheersbeestje of zevenstippelig lieveheersbeestje

Een lieveheersbeestje rekent men onder de orde van kevers meer gespecificeerd onder de Coccinellidae familie. Wereldwijd komen zo’n 3000 verschillende soorten voor in  Nederland plusminus 60 van deze. Twee veel voorkomende bekende soorten zijn het zevenstippelig lieveheersbeestje (Coccinella septempunctata) wat rood is en zeven zwarte stippen heeft deze soort eet bladluizen. De tweede algemeen bekende soort is het tweestippelig lieveheersbeestje (Adalia bipunctata) bijzonder is dat deze wel de naam draagt maar niet altijd twee stippen heeft, de kleur en het aantal stippen kan afwijken.

De soorten lieveheersbeestjes die bladluizen eten worden door instanties en particulieren bewust ingezet om bladluizen weg te eten. De soorten lieveheersbeestjes die schimmels eten zijn vaak verspreiders hiervan omdat de schimmels aan hun lichaam blijven plakken en dan eerder schadelijk dan nuttig. Het lichaam van een lieveheersbeestje bestaat uit drie delen te weten de kop, het achterlijf en het borststuk. Een lieveheersbeestje is halfrond van vorm, heeft zes pootjes en twee antennes die men niet altijd kan zien omdat het dier ze weg kan trekken tot onder zijn schild.

Lieveheersbeestje of pimpampoentje en zijn naam 

Hoe is het lieveheersbeestje aan zijn naam gekomen? We moeten dan teruggaan tot de tijd dat de Germanen in Europa waren en het diertje de naam ‘Freyafugle’ kreeg, vernoemd naar de godin Freya. Vanuit christelijke kring kwam men hier tegenop omdat men de naam te heidens vond en men gaf het beestje een nieuwe naam namelijk  ‘onzelievevrouwebeestje’ of ‘lieveheersbeestje’. In de Engelse benaming ‘ladybird’ of ‘ladybug’ vindt men nog wel wat terug van de oorspronkelijke Germaanse naam.

Wat doet het lieveheersbeestje of kapoentje als hij in gevaar is 

Wat doet een lieveheersbeestje als hij in gevaar is? Een lieveheersbeestje gebruikt bij gevaar drie manieren om zich te beschermen ten eerste zal hij als hij op zijn rug terechtkomt zijn antennes en pootjes intrekken tot onder zijn schild en zich niet bewegen zodat het diertje dood lijkt en men hem verder vaak met rust laat. Is het gevaar éénmaal geweken dan zal het dier terugdraaien op zijn pootjes en zijn weg vervolgen. Als een lieveheersbeestje bij gevaar vastgepakt of aangeraakt wordt dan kan het een vloeistof afgeven die geel van kleur is, stinkt en erg bitter is van smaak dit alles zal de vijand flink afschrikken. En ten derde schrikt een lieveheersbeestje belagers af door zijn felle kleuren die het sein afgeven pas op gevaar en die eveneens de boodschap afgeven  proef maar niet van me want ik smaak vies.

Paringstijd van het lieveheersbeestje

Als het voorjaar komt komen ook volwassen lieveheersbeestjes te voorschijn uit hun overwinteringsgebied en gaan volop op zoek naar voedsel waar ze zich dik en rond mee kunnen eten om voldoende krachten op te doen voor de paringstijd. Sommige soorten lieveheersbeestjes eten wel 3000 bladluizen per maand op. Als de dieren sterk genoeg zijn begint in April / Mei de paringstijd. Na de paring legt het vrouwtje eitjes die in groepjes van zo’n 50 stuks bij elkaar gehangen worden onderaan het blad van een boom of plant.

lieveheersbeest

Deze eitjes zijn klein van stuk en geel van kleur en hebben ongeveer een week nodig om uit te komen, wat dan tevoorschijn komt lijkt helemaal nog niet op een lieveheersbeestje maar heeft meer het uiterlijk van een rups. We noemen dit een larve, deze larve is langwerpig en plat van vorm en ook wat stekelig. Door veel te eten groeit de larve hard zo hard dat zijn vel te klein wordt en hij gaat vervellen. De larve voedt zich bijvoorbeeld met nog niet uitgekomen soortgenoten of met bladluizen. Voor de larve gaat verpoppen vervelt hij driemaal. De cocon die de larve gebruikt tijdens het verpoppingsproces hecht zich vaak vast aan een plant of boom. Het diertje heeft ongeveer twee weken nodig om uit te groeien tot een volwaardig lieveheersbeestje met mooie kleuren wat in staat is om te vliegen. In de zomer kunnen we dus zowel jonge lieveheersbeestjes zien als ook de oudere, volwassen examplaren.

Als de winter komt sterven de volwassen lieveheersbeestjes vaak, zij worden maar een jaar oud en de jongere generatie dient zich voor te bereiden op de winter. Om deze te kunnen overleven gaat een jong lieveheersbeestje veel eten om reserves op te bouwen voor de winter die men door brengt onder de grond, tussen hout, in een holle boom maar ook wel in een schuur of kelder bij het huis. Vaak zijn er meerdere bij elkaar op één plaats die erg dicht tegen elkaar aan zitten. Als ze de winter overleven begint de kringloop opnieuw en gaan zij zich voorbereiden op de paringstijd om voor nageslacht te zorgen. Het lieveheersbeestje is een klein lief beestje wat toch goed in staat is om zich in leven te houden in gevaarlijke situaties.

Comments

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *